Eerst maar eens eten, daar ben ik wel aan toe. Volgens de afspraken met de organisatie hebben wij met de band recht op warme maaltijden, dus ik denk dat ik dat recht maar eens ga verzilveren. Bij de centrale post van de organisatie aangekomen blijkt de pot vanavond chinees te schaffen. Dat treft, want van chinees eten krijg je altijd zo’n lekker vol gevoel en met een lege maag is het nou eenmaal niet prettig spelen. Helaas weet iemand van de organisatie mij te vertellen dat het eten op is. Er is weliswaar een nieuwe lading van de overbekende plastic bakken onderweg, maar voordat die het festivalterrein bereikt zullen hebben moeten wij al bezig zijn met opbouwen en soundchecken. Dat schiet natuurlijk niet op, temeer niet omdat mijn maag zich zo langzamerhand steeds meer laat gelden. Gelukkig staat er nog een volle bak nasi en een restje foe yong hai op tafel. Niet helemaal warm meer, maar het smaakt nog redelijk en wat belangrijker is: het vult, en daar ging het mij om. Missie geslaagd, ik heb gegeten.
Op het hoofdpodium is Relax inmiddels begonnen, hetgeen betekent dat wij bij het tweede podium verwacht worden om te beginnen met opbouwen. Er is echter een klein probleem: we zijn nog niet compleet. Zowel Pim als Joris en Linda zijn nog onderweg. Wanneer ik dat probeer duidelijk te maken aan iemand van de podium 2-crew, lijkt de stress hem om het hart te slaan: “Een band die drie kwartier voor het optreden nog niet compleet is, dat kan toch niet? Hoe moet dat dan met de soundcheck? En denk er aan dat jullie om kwart voor acht aan het spelen zijn!” Ik probeer hem nog gerust te stellen met de opmerking dat áls we om kwart voor acht aan het spelen zijn, dat ze dan toch echt voor kwart voor acht aanwezig zullen zijn, maar het mag niet baten. Pas een kwartier later, wanneer Pim en Joris al binnen zijn, zie ik hem opgelucht ademhalen. Zijn missie lijkt geslaagd, de volledige band is op tijd op het podium.
Om klokslag kwart voor acht houdt Relax ermee op en is het aan ons. De presentator van het festival laat merken dat hij er verstand van heeft, blijkens zijn aankondiging van ons als “de Brabantse Dubliners”. Bij deze opmerking twijfelen we heel even om het repertoire aan te passen aan de aankondiging en alleen maar “ouwe meuk” te spelen, maar vrijwel meteen daarna besluiten we toch voor onze eigen folk ‘n’ loll te gaan en na een fanatiek “Eén! Twee! Drie!” zetten we “Streams of Whiskey” in. Pas halverwege het nummer durf ik het publiek in te kijken om te zien hoeveel jonge alternatieve mensen de moeite hebben genomen om naar het tweede podium te komen en wat ze nou vinden van onze muziek. Tot mijn lichte verbazing staan er behoorlijk wat en de meeste zijn zelfs aan het dansen! Blijkbaar kunnen sommige reggae- en punkliefhebbers onze muziek ook waarderen. En waar ik vooraf mijn vraagtekens plaatste bij onze plek in de programmering, daar raak ik er tijdens het optreden meer en meer van overtuigd dat wij er toch tussen passen. We hebben een heleboel alternatievelingen aan het dansen gekregen. Missie geslaagd.
Mark